Eerste (voorlopige) mijlpaal 
Vlak voor de zomervakantie heb ik mijn literatuurstudie naar zelfevaluatie in de kinderopvang wereldwijd, ingediend bij een toonaangevend Engelstalig wetenschappelijk tijdschrift. Een mooie mijlpaal na anderhalf jaar lezen, schrijven, analyseren, bespreken en herschrijven. Samen met mijn promotor heb ik het artikel met alle bijbehorende tabellen en figuren geüpload en voorzien van een begeleidende brief. Nog een flinke bureaucratische klus, maar door er moeite voor te doen geeft het nog meer voldoening dat het is gelukt. 

Dit is echter pas het begin van het proces. In de eerste plaats toetst de redacteur van het tijdschrift of mijn artikel geschikt is. Daarna geeft een aantal onafhankelijke onderzoekers, zogenaamde peer reviewers, feedback op de kwaliteit van mijn artikel. Op basis van deze feedback bepaalt de redacteur of mijn artikel wordt gepubliceerd. Zo ja, dan moet ik eerst alle feedback van de reviewers nog verwerken, dan pas is mijn artikel gereed voor publicatie. Dit proces duurt zes maanden tot een jaar. Geeft niet, gelukkig heb ik in de tussentijd voldoende andere dingen te doen. 

Het échte werk is begonnen 
Zo vertelde ik in mijn vorige post dat ik voor mijn tweede deelproject, door middel van focusgroepen, kennis heb opgehaald bij experts in en om de kinderopvang. Ik heb alle groepsinterviews anoniem geanalyseerd. Ik heb alles eruit gedestilleerd wat belangrijk is: onderwerpen die iets zeggen over de pedagogische kwaliteit van de kinderopvang, zaken die van belang zijn voor zelfevaluatie en specifiek voor ‘Pedagogische praktijk in Beeld (PiB)’. Op basis van deze onderwerpen heb ik een digitale vragenlijst opgesteld voor zowel kinderopvang voor 0-4 als 4-12 jaar. Mijn doel is om concrete handvatten te verkrijgen om PiB op te actualiseren, te verbeteren en gebruiksvriendelijker te maken. 

Voor de eerste keer verzamelde ik zelf data en vroeg ik mensen mee te denken en mee te doen met mijn onderzoek. Dit is het échte werk! Spannend, maar ook heel leuk en belangrijk om de mening van de praktijk goed mee te nemen. Ik was benieuwd of ik genoeg reacties zou krijgen. Ik heb iedereen in mijn netwerk gevraagd bekendheid te geven aan mijn vragenlijsten en ik heb de vragenlijsten ook via verschillende social media gedeeld. Bijzonder hoeveel mensen geholpen hebben aandacht te geven aan mijn vragenlijstonderzoek, heel fijn. Ik was zo benieuwd, ik heb elke dag even gekeken naar de respons. De vragenlijst voor 0-4 jaar is heel veel ingevuld, de vragenlijst voor BSO-leeftijd ook ruim voldoende, maar wel een stuk minder. Zo blijft BSO-onderzoek ook wat achter in mijn project. Goed om hier alert op te blijven bij mijn volgende deelprojecten. Maar daarover een volgende keer meer. 

Van PiB 1.0 naar PiB 2.0 
Ik heb vanaf het eerste moment gezegd dat de huidige PiB-versie niet de definitieve versie is. Actualiseren, efficiënter en gebruiksvriendelijker maken is essentieel voor duurzaam gebruik van PiB. Om breed draagvlak te creëren heb ik input van pedagogisch medewerkers, -coaches en -beleidsmedewerkers, managers, bestuurders, onderzoekers, inspecteurs en ouders opgehaald. Met de resultaten van het vragenlijstonderzoek en de overige feedback komt alle benodigde input samen om PiB aan te passen. 

Vanaf september start ik een werkgroep die alle feedback verwerkt in de PiB 2.0. Aan deze werkgroep nemen mijn promotors, een methodoloog met expertise op schaalconstructie vanuit de universiteit van Leiden, een methodoloog betrokken bij de ontwikkeling van PiB en ikzelf deel. Na deze fase hebben we een actueel, verbeterd en gebruiksvriendelijker versie van PiB die klaar is voor wetenschappelijke toetsing. 

Genoeg werk te doen, ik heb er zin in! 

Simon Hay
Pedagoog